De drie bekendste legenden

1. De legende van de twee witte en de twee zwarte ossen:

de witte ossenHeel lang geleden, woonde er te Dadizele een rijk en vroom man.
Zijn rijke veestapel telde ondermeer twee prachtige pikzwarte ossen. En juist die twee ossen leken op zekere morgen spoorloos...
Hoe de landbouwer en zijn knechten ook de omgeving afzochten, van de ossen vonden ze niet één spoor. Het nieuws kwam ook een kluizenaar ter ore. De brave man besloot tot Maria te bidden, die een heel bijzondere plaats in het leven van de kluizenaar bekleedde.
En toen gebeurde het. Maria verscheen in een visioen en zei: "Ga naar de meester van de boerderij en vertel hem dat hij nooit meer zijn twee zwarte ossen zal terugvinden. Maar... vraag hem naar het elzenbos te gaan. Aan de rand van het bos zal hij twee sneeuwwitte ossen vinden. Die zijn voor hem. Vraag de meester ook op die plaats een kapel te bouwen, die aan Onze Lieve Vrouw moet worden toegewijd. Zeg hem dan dat Onze Lieve Vrouw dit alles gevraagd heeft."
De kluizenaar bracht de boodschap over. Men ging naar het elzenbos en daar stonden twee sneeuwwitte ossen... Diezelfde dag nog begon de landbouwer met de plannen om er aan de rand van het bos een kapel op te trekken. Toen de kapel klaar was, kwamen er mensen van heinde en ver naar de kapel om er tot Maria te bidden.

2. De legende van de rode, zijden draad:

Rode draadToen de kapel helemaal opgetrokken was ging een afvaardiging van de notabelen naar het bisschoppelijk paleis in Doornik om aan de bisschop te vragen om de kapel in te wijden.
Op weg naar de bisschop, ontmoetten ze een vrome vrouw die zei: "Het is niet nodig om de bisschop te vragen uw kapel te wijden. Zij is immers al gewijd door Onze Lieve Vrouw zelf."
Toen de vrouw enige twijfelende gezichten zag, ging ze verder: "Omdat u zou geloven wat ik u vertel, zal ik een teken geven. Keer terug, u zal er een rode, zijden draad vinden gespannen rondom de kapel. De plaats binnen de draad is gewijd..."
Ogenblikkelijk keerde men terug. Rondom de kerk vonden ze een rode, zijden draad. En die draad kende begin noch einde.
En, vertelt de legende verder, die rode, zijden draad had een bijzondere genezingskracht. Zieken kregen er een stukje van mee, maar de draad verminderde nooit.
Helaas raakte die rode draad verloren in de loop der tijden.
Vandaag de dag wijdt de pastoor de rode draad, die nog altijd door de pelgrims meegenomen wordt naar huis.

3. De legende van de analfabeet die koster werd:

Kerstmis stond voor de deur en de metten moesten gezongen worden. Helaas!
De koster was ziek en daardoor ze de pastoor de dienst moeten afgelasten.
De nacht ervoor kreeg Jan Onraet, een analfabeet die geen noot muziek kende in een droom een visioen van Onze Lieve Vrouw die hem zei: "Sta op, ga naar de pastoor en zeg hem dat jij de dienst zal zingen!"
Jan werd wakker maar dacht dat hij slechts gedroomd had: hij kon immers lezen noch schrijven en kende bovendien geen noot muziek. Daarom ging hij gauw weer slapen.
Onze Lieve Vrouw verscheen echter een tweede keer en zei: "Jan, sta op en kijk onder jouw hoofdkussen. Neem dat boek en ga er mee naar de pastoor. Met dit boek kan je het wel!"

 

Jan nam het boek, ging naar de pastoor en zong foutloos de Metten.
Hij schijnt daarna nog vele jaren in dienst te zijn geweest.